Sinds ik de middelbare school heb verlaten heb ik geen boek meer geleend bij de bibliotheek. Heel jammer maar ik had andere prioriteiten en interesses.
Echter, deze vakantie zou ik tijd genoeg hebben. We gingen zonder de kinderen. Alleen mijn lief en ik. Dus nam ik boeken mee. Ik ging me afsluiten van de wereld. Woorden verslinden. Heerlijk!
Ach, mijn lief ken ik al zó lang, de gespreksstof zou vast gauw op zijn. Waar moet je het nog over hebben?
Maar niets was minder waar. We hebben gepraat en gelachen. Soms gezwegen. Zelfs dat was fijn.
We waren één. Genoten van zonsopkomst tot zonsondergang van het samenzijn. Ik kan er een boek over schrijven!
Maar van het lezen kwam niets…

Zoals het er staat, lijkt de ik-persoon uit het verhaal geen boek meer gelezen te hebben sinds de middelbare school. Nu was er weer volop tijd om boeken te lenen. Weer lid geworden van de bieb? Samen met lief naar de bieb geweest, in de vakantie?
Voor deze lezer is de opbouw van het verhaal niet logisch. Er zit een aardige clou in het verhaal, maar die komt daardoor minder goed uit de verf. Voor deze lezer dan.