Zweet drupt langzaam van zijn voorhoofd. De zak bedekt zijn zicht. De cipier ketent hem aan het bed en verlaat met een gemeen gegrinnik de kamer. De deur valt met een harde knal in het slot. Daar ligt hij dan. Poedelnaakt, badend in het zweet maar rillend van de kou. In de verte hoort hij haar typische loopje, het getik van haar stiletto’s op de koude marmeren vloer. Zijn hart gaat te keer. Hij probeert iets te zien door het gaatje in de zak, maar te vergeefs. Die handboeien zitten ook veel te strak, Verdomme! Dit was niet de afspraak. Het helse geluid van haar hakken komt dichter bij. Hij zal het moeten ondergaan, de onheilspellende drift van zíjn hoer.

Recente reacties