‘Attenoie, een dwangbevel… net als toen… Die mooie gemeente Amsterdam; dachten ze soms dat ik in het kamp een kledingwinkel runde? Of dat ze daar een bank hadden om de erfpacht over te maken?’
Sal zit weer in zijn stoel, bevrijd van slangen, naalden en ziekenhuiseten. In zijn hand een dwangbevel. Hij stroopt zijn mouw op. ‘Precies naast die cijfers op mijn arm hebben ze die infuusnaald ingebracht. Net als vlak na de bevrijding, toen ik in het ziekenhuis tevergeefs wachtte op mijn vader, moeder, maar een gemeentelijk dwangbevel ontving: “Wees blij dat u nog leeft.”
Heb ik nu weer ‘mazzel’ dat ik nog leef? “U wordt er oud mee,” zei die dokter. Ach, hoe oud moet ik nog worden…’


Recente reacties