Geen boegbeelden van een tijd. Uit de tijd in eigen tijd. Karakteristiek voor Chriet Titulaer was zijn baard zonder snor die me aan Paulus de Boskabouter deed denken. Karakteristiek voor Mient Jan Faber was zijn schaarse naar voren gekamde haar: in een pony, alsof hij van een ander planeet kwam.
Om Chriet moest ik altijd lachen. Zo fietste hij rond in zijn televisieprogramma Wondere Wereld met een draadloze telefoon erop gemonteerd. Een onhandig groot apparaat. Toen nog wel…
Mient Jan was vredesactivist, zette zich in tegen de komst van kruisraketten. Afgeleid door zijn pony en het ‘Interkerkelijke’ van zijn functie waren de oorzaak dat ik nooit echt luisterde naar zijn toespraken – nu heeft hij helaas zijn kruisje gevonden.
Rust vredig.


Van beide boegbeelden zijn mij nooit hun uiterlijkheden als eerste opgevallen. Ieder is nu eenmaal zoals ie is. Ik ben wel in het Huis van de Toekomst geweest en overal hoorde ik dan de speciale stem van Chriet. Fascinerend.
Mient Jan Faber heb ik tweemaal horen spreken op demonstraties. Ik heb altijd het gevoel gehad dat hij zijn hart volgde. Op zijn manier.
Levja. Mij dus wel.
Dat kan, Han. Uiterlijkheden zijn wellicht belangrijk voor je.
Levja. Bij deze twee is dat nu eenmaal wat mij opvalt. Bij anderen weer minder.
De wondere wereld heb ik vaak met plezier gekeken. De baard vond ik altijd markant, maar niet iets om zelf ook te willen later.
Mient Jan Faber sprak nooit tot de verbeelding…Grt
Luc. De Wondere Wereld was best interessant. En Tiet was een wonderlijk figuur.