De laatste keer dat ik Freya zag, was toen ze in de taxi stapte en naar me zwaaide door het raampje. Ik heb haar nooit meer gezien. Niet dood en niet levend. Haar zwaaiende hand verschijnt regelmatig in mijn dromen.
Soms benijd ik types die automatisch alles kunnen verdringen wat ze niet aanstaat. Manipulatieve, destructieve figuren, die een spoor van verderf achterlaten. Wanneer het beoogde leed een feit is, werpt zo iemand zich empathisch op als redder, trooster en puinruimer. Zoals pyromanen soms plegen te doen.
Maar de enige beloning die zo iemand wenst, is het recht om niet te veranderen, om levens te verwoesten, om de Heer der vliegen te blijven dienen.
Mijn Siberische husky is naar Freya genoemd.

Recente reacties