‘Weet u wat het is, meneer, vroeger dacht ik goud te vinden. Nou, ik ben nog geen roestige spijker tegengekomen.
Ik was een van de weinigen die niet hoefden te trouwen, als u begrijpt wat ik bedoel.
We trouwden in koetsjes; man, de romantiek droop eraf. Behalve bij die knollen dan.
Voordat je het weet ben je oud. Ik ben gezond, maar morgen kan het anders zijn. Zo is het toch? Naar die gezondheidsmaniakken luister ik niet: daar word ik ziek van.
En toch… soms… meestal op vrijdagavond omdat dat onze avond was, vermoed ik, heb ik weleens een verguld moment. Meer dan een sluimerstandje wordt het niet, maar het is er wel! Dan klinkt “welterusten, schat” nét even anders.’


Han, hoefden lijkt mij hoefde te moeten zijn. Een van de weinigen …
@Ewald. Het is beide correct. Voor sommigen is het antecedent ‘weinigen’, voor anderen ‘ik/een’.
Aha, die regel kende ik niet. Dank je.
Originele invulling van het themawoord.