Vorige week ben ik weer eens naar de diergaarde geweest met mijn twee dochters. Waar ik een aantal jaar geleden nog ‘aanbeden alwetend bioloog’ was voor hen begint die rol zich steeds meer te normaliseren.
Mijn dochter wist mij allerlei bekende en minder bekende feitjes te vertellen, vooral over reptielen en vissen. Vol trots vertelde ze dat ze met schoolreis een échte slang mocht vasthouden. Een baby was het en hij probeerde al wel zijn staartje om haar pols te doen.
Tóch was er één klein visje tussen het groot-vissen-geweld waarvan ik benieuwd was of hij herkend zou worden. Nee dus (yes!) ik mocht even in mijn biologen-rol. “Dat is een haring lieverd, je herkende hem waarschijnlijk niet zonder uitjes.”

Leuk stukje, Louisa. Op de toppen van je tenen steek je qua kennis nog net boven je oudste uit.
ja echt hè