Voor een provinciepersoon (m/v) is klûnlflappen of zwalpen al bruismakend genoeg, rustig uitkijkend over de eindeloze polders.
In de grote stad zijn eigenschappen die men aan “bruisend” geeft natuurlijk heftiger, overigens afhankelijk van leeftijd, stijl, opleiding en noem maar op van de persoon in kwestie.
Zo ervaren sommige mensen een museumpje pakken en daarna uit de bol bij een Beethovig strijkje als het summum van bruisbaarheid. Rond tien uur thuis en warme melk voor het slapen gaan, er zijn natuurlijk grenzen.
Aan de andere kant van het spectrum bruiselen (vooral jonge) mensen onder heftige muziek en bijbehorende lichtsignalen op plakkende dansvloeren tot in de kleine uurtjes.
Hiervoor wordt genoten van een pilletje, maar om dit nu een bruistablet te noemen?

Leuk gevonden…bijbehorende lichtsignalen. Grt.
Leuk stukje, maar ik ken de woorden klunflappen en bruiselen niet.