Om de hoek, weg van de bedelende kinderen zie ik ze voor hun huisje, even versteend als het bankje waar ze op zitten. Onverstoorbaar glimlachend bekijken ze de drukte, met de rust en stilte van de omgeving vergroeid in hun houding. De tijd heeft netwerken van fijne lijntjes op hun gelaat geëtst.
Man en vrouw? Vader en dochter? Moeder en zoon? De zon en wind verouderen hier onbarmhartig, zonder onderscheid.
Ik druk af, het juiste frame: een stukje Himalaya rechts in de bovenhoek en het zonlicht van links.
Deze kan boven de bank. Snel de bus in voor een “Authentieke Tibetaanse lunch” in een joert. Daar eentje maken voor in de keuken. Hopelijk met zo’n monnik, dat doet het goed.

Goed stukje Menno en het themawoord mooi gebruikt.
Dank je Willem.
Menno, mooi ‘plaatje’. De eerste witregel zou ik weghalen. Een nieuwe alinea is voldoende.
Bedankt Han, de witregel heb ik weggehaald en je hebt gelijk het oogt beter.