‘Mooi hè? De helft gaat naar het goede doel.’
‘Welk doel?’
‘Weet ik niet.’
‘We sturen toch geen kaarten meer?’
‘Deze zeker niet. Daar zijn ze te duur voor.’
‘Wat heb je er dan aan?’
‘Hè, jij altijd! Heel mooi getekend. En hoe… Knap hoor.’
‘Hoe wat?’
‘”Met de voet geschilderd,” staat erop.’
‘Tekenen doe je met een potlood en schilderen met een penseel. Wat is het nou?’
‘Doe niet zo moeilijk.’
‘Moeilijk, ik? Moeilijk doen is schilderen met een penseel tussen je tenen. Als ik eraan denk schiet de kramp al in mijn grote teen.’
‘Die mensen hebben geen vingers.’
‘Hoe weet je dat?’
‘Waarom zou die man liegen?’
‘Had ie geen vingers?’
‘Nu je het zegt… geen benen…’


Recente reacties