Als we met de boot aanleggen in de haven en ik op de steiger stap, blijf ik letterlijk verstomd staan. Al mijn zintuigen staan op scherp. De zon schijnt onverwacht stralend in de mooiste blauwe lucht die ik ooit gezien heb. De houten huisjes zijn in fel rood, paars en groen geschilderd. Ze staan willekeurig verspreid over de rotsen. Daartussen knalt het geel van wilde bloemen. Aan land stappende medereizigers duwen me aan de kant. Ze willen zo snel mogelijk snuisterijen kopen, koffiedrinken of met een excursie mee.
De eilandbewoners kijken nieuwsgierig naar de drommen toeristen. Ik absorbeer hun blikken, hun woordenloze glimlach, de pracht van hun zelfgemaakte kleding. Dan kom ik in beweging en stap ik in een ansichtkaart.


@Cora. Als er ook een roze huisje tussen had gestaan was het Curacao geweest.
koffie drinken – koffiedrinken
@Ewald, dank je. Ik heb de tekst aangepast. Nee, het was niet Curacao.
@Cora. De rotsen deden al anders vermoeden, maar de kleurtjes …
Cora: mooi plaatje, ik ik er heen!
Mooie schets. ‘begeef’ in de laatste zin valt voor mij wat uit de toon bij de woordkeus in de rest van je verhaal. Als je die laatste zin iets scherper maakt, neem je mij helemaal mee.
Ik wil jou natuurlijk graag meenemen, Hadeke. Ik heb de tekst aangepast. Grappig wat je zei over mijn taalgebruik. Ik stop wel vaker mogelijk ouderwetse woorden in een tekst. Dat past me wel.
@Cora. Mooi ‘schilderijtje’.
Daar tussen – daartussen
@Han, dank. Tekst aangepast.
mooi verhaal, denk even aan Erik van Bomans die in een schilderij stapt en dat tot leven brengt