De ene grootmoeder doet je levertraan slikken, van de andere moet je pap eten. Ze breien mutsen voor je die je altijd aan moet, zelfs als de zon schijnt. En je moeder geeft ze allebei gelijk.
Later word ik nooit zo’n zeurkous, denk je. Tot je het zelf wordt.
Je bent al blij dat ze hun eerste levensjaren zonder rampen hebben overleefd en dat je hen niet van de trap hebt laten vallen. Maar de bezorgdheid houdt niet op. Het wordt eigenlijk alleen maar erger als ze groter worden. Er bellen jongens aan. Er zijn fuiven. Ze zijn mobiel en ze hebben allemaal mobieltjes. En dan lachen ze wanneer je hen vertelt dat slapen met een oplaadkabel levensgevaarlijk kan zijn.


(In Vietnam is er een veertienjarig meisje gestorven nadat ze in slaap viel met haar mobieltje. De oplaadkabel was kapot en het arme kind kreeg hierdoor een fatale elektrische schok.)
@Nele: van en naar actueel verhaal naar mooie plaatjes van toen
als je ouder wordt, wordt je ook bezorgder, treffend weergegeven