De man liep met een metalen meter door de straten van Parijs. Hij mat alle schoenveters die hij tegenkwam. De meeste schoenveters lieten zich echter niet meten. Die zaten vastgeklonken tussen gaten. Vreselijk irritant vond de vetermeter dat. Er kwam maar geen slijt op zijn meter, die hij al bijna vijftien jaar met zich meedroeg.
Heel soms was de vetermeter gelukkig. Zo rond de feestdagen meestal. Rijke Parijzenaren droppen dan hun oude schoenen aan straat, in grote schoenenzakken. En dan doet onze vetermeter zijn voordeel. Meestal zitten de veters dan nog in de schoenen. Maar dit keer zonder voet. Wel zo handig. Dan meet onze vetermeter met zijn vetermeter de veters dat het een lieve lust is. Keer op keer.

Waarom ik nu steeds aan vetmeter moet denken?
Leuke nieuwe hobby Mien!
Mien: De peter van de vetermeter wist wel beter dan de meeëter op te eten.
Berdien, fijn voor de meter van de vetermeter, vrouw van de peter van de vetermeter, die daardaar niet misselijk werd van de mee-eter. De meter kwam natuurlijk später, of gewoon te laat. ?
Mien: ’t is maar dat je ’t weter, en voor de halsstarrigen een betweter.
Maakt alles completer. 😉
Een mooie surprise voor de vetermeter (ik vind hem vertederend).