Zanna koestert zich in de zon. ‘Eindelijk weer wat warmte.’
‘Ja,’ zegt Zegge met een zucht. ‘Maar de kou heeft te lang geduurd. De bomen zijn dood. Ik vrees dat we hier niet kunnen blijven, Zanna.’
‘Je wilt weg?’ Ze kijkt hem geschrokken aan. ‘We hebben een huis en te eten. Wat als…?’ Ze stopt.
‘Wat als overal de bomen dood zijn? Dan, lieve Zanna, zijn we verloren.’
‘Papa! Mama!’ Ilonka stort zich uit een boom naar beneden met Tinka in haar kielzog. ‘De bomen leven! Ze hebben knoppen en …’
‘… uit sommige komen al kleine blaadjes,’ vult Tinka haar aan.
‘Wat!’ Zanna springt de boom in.
Zegge volgt haar. Dan ziet hij de knoppen. Ze leven. Er is weer hoop.


Na bijna vijf maanden dan eindelijk weer een vervolg. 🙂
Leuk! Daar zit een spannend kinderboek in. De eerste 38 stukjes heb ik eergisteren achter elkaar gelezen.
Dank je, Han. Misschien maak ik er ooit wel een kinderboek van, maar ik heb nog andere ijzers in het vuur.
@Marlies. Ik denk dat je Hay bedoelt. Haha! Maar, weer een leuk vervolg, lang op moeten wachten!
Heerlijk om weer van de Blauwtjes te vernemen. En ik heb alle namen onthouden. Maar ja, ik was en ben dol op de Blauwtjes.
<3 Daar zijn ze weer: de super-aapjes met hun blauwe Wada-jasjes. (Konden ze met mensen praten? Dat ben ik even kwijt…)
@Han – haha, ik dacht dat ik Hay had getypt, maar blijkbaar niet. Dank voor je reactie. Je kunt vanaf nu weer vaker een aflevering tegemoet zien. Er komen er nog een paar, ik weet niet hoe veel.
@Levja – goed dat je alle namen nog kent!
@Nele – Nee, ze kunnen niet met mensen praten, maar een mens is bezig hun taal te ontcijferen.
Weer een heerlijk Blauwtjesverhaal, Marlies.
Wat fijn dat je ze hebt genummerd. Nu zijn ze eindelijk allemaal terug te vinden.
Dank voor je commentaar, Nel. En ja, ik vond dat ik ze maar eens moest gaan nummeren. Er zijn wellicht mensen die ze allemaal een keer willen lezen.