De binnenkant van de notendop is scherp.
Hoe bijzonder.
De buitenkant is een gladde schil met bobbeltjes en putjes.
De binnenkant rommelig met restjes schil.
De noot zelf was weg, net als haar ouders.
Haar vinger schuurt langs de scherpe kantjes.
Zou het net zo glad worden als de buitenkant?
Dat moet! Ze beet op haar lip.
Als ik maar lang genoeg wrijf.
‘Elsie! Wat doe je?’
De vrouw pakt Elsies verkrampte hand en maakt voorzichtig haar vingers los van de walnootdop. Elsie krijste verontwaardigd. Haar gekrijs past niet bij een jonge vrouw van haar leeftijd.
‘Ik wil de binnenkant ook glad!’
‘Arm kind!’
‘ De tijd heelt wonden Elsie!’ Ze pakt een verbandtrommel en verbindt de bebloede vingers van Elsie.

Hier staat veel tussen de regels Jessy. Misschien dat het in de tegenwoordige tijd nog indrukwekkender wordt.
Levja, ik heb wat aangepast.
Ja, veel krachtiger al. Kijk nog even naar ze beet op haar lip en krijste.