‘Hier word ik zo moe van’.‘Ik ben in mijn eigen huis niet meer dan een verlengstuk van de inboedel.’
Een totaal zinloze klacht, mijn twee huisgenoten waartegen dit gericht is, reageren niet of nauwelijks.
‘Cleo en Niké, jullie hebben zoveel ruimte’, zeg ik weleens een beetje wanhopig. Jullie kunnen overal liggen, op de vensterbanken, op de tafels, in de kasten en zelfs op de rugleuningen van de banken.
Soms doen mijn twee dames poes verveeld een oog open. Met weinig tot geen interesse horen ze mijn klacht aan. Om vervolgens uitgeput van hun drukke leven weer in een diepe kattenslaap te vallen.
Waarna ik ze ruw uit hun slaap haal als ik op een van mijn eigen plekjes wil zitten.

Recente reacties