De locomotieven razen over de rails, wissels worden door een computer aangestuurd. Het monotone geluid geeft me rust.
Voorzichtig druppel ik lijm op de minuscule onderdelen van het vakwerkhuisje, dat ik vanavond nog langs de baan wil plaatsen.
Zij wacht beneden op me. Met ‘to-do’ lijstjes. Met opmerkingen over mijn gedrag. Over wat me te doen staat, maar nog belangrijker: over wat ik nagelaten heb. Ze zal het hebben over de partners van haar vriendinnen. Die echt zoveel beter zijn.
Het oplosmiddel vervliegt zodra ik in de tube knijp. Het maakt me licht in mijn hoofd.
Ze zal straks roepen. Dan zal mijn hoop opnieuw vervliegen.
Hoe meer oplossing verdampt, hoe hechter de verbinding.
Onlosmakelijk, tot de dood ons scheidt.


Het ware model van triestheid @Hadeke
Een modelstukje…
Dank jullie wel. Ik vond het idee dat iets sterker verbindt als de oplossing verdwijnt wel een bijzondere gedachte. Normaal blijf ik naar oplossingen zoeken. 🙂
<3
Ik snuif. En ik snuif.
Ze roept. ‘Herman!’
En ik snuif.
Het vakwerkhuisje heb ik naast de rails geplakt.
‘Herman!’
Ik snuif en ik snuif.
Ik adem in en ik nies. Hatsju, Pikatju. Ik giechel en ik lach.
Ze wordt kwaad. Dat hoor ik aan de voetstappen op de trap.
‘Herman!’
Ik snuif en ik snuif en ik adem uit.
Ze zegt iets, ik wens haar toedeloedoe-to-do. De trein raast in mijn hoofd. Ik snuif en ik snuif de geurloze eeuwigheid omarmend tegemoet. De marsmannetjes van Saturnus hebben mij een zoete dood beloofd, de fosfine in de lijm doet zijn werk en ik ben blij dat ik in hen heb geloofd. Ze komen mijn vrouw en de trein morgen ophalen.
Kon het niet laten…
Op het spoor.
‘Herman was de beste echtgenoot die een vrouw kan hebben,’ hoor ik mezelf zeggen.
Schuin tegenover me staat de kist. Een foto met zijn veel te dikke hoofd en zijn onafscheidelijke locomotiefje, staan er bovenop.
Een klein duwtje was er nodig om hem zijn fatale misstap te laten maken. De lijkschouwer had de sporen van fosfine gevonden en zijn conclusie snel getrokken.
Mijn vriendinnen zitten op de eerste rij. Ze leunen tegen hun partners. Alleen Patricia en Ian niet. De vriendschap tussen haar en mij is bijna over. Ze weet het niet.
Ian zal me helpen om de zolder te bevrijden van de modelspoorbaan.
Van Patricia weet ik wat hij sexy vindt.
Ian zal vanavond blijven plakken.
Ook ik niet @Nele 😉
(Ik heb er nog eentje en dan stop ik er mee, beloofd.)
Ian… geboeid bewonder ik zijn lijf terwijl hij zijn jeans weer aantrekt.
Dan belt hij Patricia. ‘He!-?!?!@:)ç&&&&#####!!!!!-né-eeeee!!!!!!!!!!!’ roep ik.
Hij heeft me geen uitleg en begint de rails met zorg af te breken.
‘Wat moet dat?’ vraag ik deze keer zonder uitroeptekens. ‘Herman heeft het gevraagd,’ zegt hij.
Patricia prikt een naald in mijn nek. Ik kan me niet bewegen en ik kan me niet verdedigen. (Dat is waarom seks met boeien toch af te raden is.) Ze laten me achter op de zolderkamer.
Een paar uur later begint mijn vel te zwellen. Steendikke puisten vormen een bultentapijt op mijn huid. Jeuken dat het doet.
Twee dagen later barsten de bobbels. De blauwtjes van Marlies worden geboren en ik sterf.
🙂 Ga door, ga door!
@Hadeke: wel, nadien gebeurt er eigenlijk niet zo heel veel meer. (Marlies verhaalt al wat er met de blauwtjes gebeurt…)
De nog levende genen van Herman, blij en tevreden, zitten in een groeibokaaltje te kijken hoe Patricia en Ian de sporen weer uitzetten.
Herman groeit snel op en als hij eindelijk uit zijn glazen potje mag, dan speelt iedereen voortaan met hem en zijn trein.
Mooi jullie modelovereenkomst @NeleDeDeyne en @Hadeke
En met je eens @Nele dat Marlies de blauwtjes geen blauwtje laat lopen. Heerlijk dat je ook zo van deze verhaaltjes geniet.