Ze nam nooit halve maatregelen. Nee, ze nam maatregelen zoals ze het metrum in haar gedichten regelde – flink, maar nooit fout. In de hoek of op de trap, en heel gauw. Soms een flinke klap.
De dorpelingen vonden haar een gekke dichteres en een ongewenste immigrante in hun plattelandse rust en regelmaat. Ze ergerden zich het meest aan de herrieschoppers die ze meenam. Blaffende honden bijten dan wel niet, maar hun lawaai is enorm storend tijdens een kerkdienst of een gesprek voor de buurtsuper. De dorpelingen probeerden haar subtiel weg te pesten, maar dat lukte niet.
Nadat haar hart het welletjes vond kwam niemand haar opruimen. Maar haar honden bleven totdat de brokken op waren. Daarna volgden ze het vrouwtje.

Recente reacties