Een inktvis schreef het in visserslatijn tussen de zeesterren: een zeemeermin, min of meer de aas van haar school, zou tussen een walvis en een schip belanden. Ze hield er een visuele handicap aan over. Gelukkig wilde een witte stokvis de sirene door de stromen van haar golven begeleiden.
Tot overmaatje van ramp verloor ze haar ringen. Een brilvis schoot te hulp en ving de kleinoden in zijn netten.
Gewichtig schoof hij een pareltje over haar ringvin waarna ze in hun huwelijksbootje zwommen. Het visgerecht zwolg akkoord met hun voornemen.
De potvis bezorgde hen de juiste visa en sleepte het scheepje naar een verre, zorgeloze horizon, terwijl de visburgers hen uitvinden.
De aprilvis lachte flauw. Hij viste in dezelfde vijver.

Wat een leuk taalspel. Het levert een mooi verhaal op.
Genoten van dit stukje. Vissenbloed blijkt toch niet koudbloedig te zijn. En de aprilvis niet voor de poes. Achter die vis zit ook een heel verhaal …
Prachtig zeebanket. Smullen. ?
Genoten van je woordspelletje!
@o_verschreef. leuk bedacht woordenspel.
@ Levja: dank je, dank je! Is dat een visje uitgooien?
@ Mien: Bedankt. Denk je dat de inktvis het met letters van banket schreef? Een inktvis?
@ Nel: en een leuke reactie van Nel. Bedankt.
@ Marlies Vaz Nunes: dit is geen spelletje! Dit is pure ernst! 😉 Dank je!
@ Han de man: dank!
Nee, maar wel vast in een snoezig jurkje. 🙂 🙂 🙂