“Maar… kunnen jullie me niet zeggen wat voor weer het is? En hoe het landschap eruit ziet? Ik voel geen weer, ik zie geen landschap.”
“Nee,” antwoordden ze, “alleen de leider kan dat zeggen.”
Dan vraag ik het aan de leider, dacht ik, en ik liet me in een bus vervoeren door een leeg landschap waar geen weer was, naar de stad waar de leider woonde.
“Vanochtend regende het flink,” zei de leider, “maar vanmiddag bleef het droog, hoewel het bewolkt bleef. En het landschap: een lieflijk groen dal en in de verte hoge bergen, de toppen met sneeuw bedekt.”
“Dank u,” zei ik. Nu wist ik wat ik vanuit de bus gezien had. Ik voelde mijn jas: bijna droog.

klinkt wel apart, iemand die blind is of alleen dingen waarneemt op gezag van de leider. Een sekte?