Ik heb jouw tenen geteld, jouw haren gekamd. Samen dromend door het raam zitten staren en herinneringen van toen opnieuw beleefd als werkelijkheid van nu. We speelden een rollenspel. Jij was gewoon jij en ik mocht al die anderen zijn die jouw leven mochten verrijken. Ik stopte je stiekem een banaan toe, maar één ding wist jou toch het meest te plezieren. Als ik in de ochtend binnenkwam keek jij al naar de doos. Een glimlach van oor tot oor verscheen op jouw gezicht. Je keek me aan en met een traan rollend over jouw wang vroeg je: “Bessen in gelei?”
Niet meer wetend dat ik dit elke dag weer meebracht, stierf jij met een mond vol bessen in gelei.


Jamprap? Ik ga het later nog eens herlezen.
mooie herinnering en tegelijk ode
ontroerend