Woonkamer.
Drie puntenslijpers op een tafeltje
met eerste positie balletpootjes, maar
dan in een meer gespreide houding.
Atelier.
Wit gelakte tafel met een transparant
oranje gekleurd bakje waarin slijpsel
met gekleurde kartelrandjes en fijn
potloodgruis de bodem kleurt.
Ik bestudeer grondig het slijpsel.
Het lijken minuscule waaiertjes,
waarmee kaboutertjes in een snel
tempo een lange hete zomer mee
weg kunnen wapperen.
Als ik linker wijsvinger er zachtjes
doorheen roer, dan blijft er plots
een rode punt aanplakken.
Ik trek haperend met de punt over
een wit vel.
Een rondje.
Halve maansmondje volgt.
Dan druk ik een neusje en twee oogjes.
Een bolletje lacht, maar niet naar mij,
maar langszij, ergens de ruimte in.
MH 17 schiet als een flits voorbij.

Eerst een lieflijk tafereel, maar vanwege de laatste zin moest ik het nog een keer lezen en dan krijgt het een heel ander perspectief.
die MH 17 komt hard binnen, naar mijn gevoel iets te veel uit de lucht vallen.