Voor het geopende graf stond een bijzettafeltje met daarop de losse bloemen die we naar plaatselijke gewoonte op de kist mochten gooien. Iemand van het Leger des Heils leidde de dienst. Na een kort gebed gaf hij het woord aan de voorzitter van de visclub.
“Beste ome Willem,” sprak deze hakkelend, “moge je in het hiernamaals goede visgronden aantreffen.”
“Amen,” zei de majoor, “Jezus hield van vissers.”
Nadat de kist naar de bodem neergedaald was, gooiden we stuk voor stuk een witte anjer in het graf.
Behalve manke Maarten. Zijn hand verdween in zijn broekzak en wat tevoorschijn kwam, krioelde in zijn hand. Terwijl hij de wormen met een fraaie boog op de kist smeet, mompelde hij: “Smakelijke maaltijd, jongens!”

Autoplagiaat
De fraaie en lugubere clou van “Laatste maaltijd” komt uit “En nu maar schransen, jongens”
Op 4 oktober, dierendag, moet autoplagiaat kunnen