Hij had het niet zien aankomen, er nooit rekening mee gehouden zelfs. Zijn van nature hautaine houding had hem verhoed signalen te onderkennen. Tekenen dat men hem beu was: zijn eeuwige dedain, zijn stuitende arrogantie.
Als een onverwachte dolkstreek ervoer hij het, dat hem zomaar uit het niets de wacht werd aangezet. Hij kon stante pede vertrekken. Zijn tijd was voorbij, Hij was niet onmisbaar, zoals hij altijd had gedacht.
Zijn werk was inadequaat. Hij teerde op oude successen. Zijn werkwijze was gedateerd, mede doordat hij elke bijscholing als onnodig wegwuifde.
Nu roerde de zwijgende meerderheid zich. ‘Weg ermee. Kruisigt hem. Altijd al gezegd, die snoever. Zakkenvuller.’
Zo kwam het, dat Oranje als werkloze zijn werkplek verliet. Ontslagen en verguisd.

Recente reacties