‘Kom, ga mee dansen.’
‘Ik kom zo.’
Snel sloeg ik het glas bier in één teug naar achter en meteen een tweede er achteraan. Dat maakte mijn benen niet losser, maar hielp wel om de blikken af te laten ketsen op het schild dat mijn onzekerheid omhulde. Het gaf me de moed om haar in te palmen en te geloven dat ze werkelijk van me hield.
In de jaren daarna had ik ook thuis de drank als houvast nodig. Het hielp niet.
‘Ik herken je niet meer,’ zei ze vlak voordat ze me definitief verliet voor een meer nuchter type.
Mijn huid vertoont de kenmerken van leververvetting, stekende pijn huilt door mijn binneste.
Langzaam drink ik naar mijn einde toe.


Ach, een huilende lever!