Achter in de slagerij wacht ik op mijn beurt en verlies me in het goedgevulde kruidenrek. Ik vang een gesprek op tussen twee slagers achter een halfhoge tegelwand.
“Tering, wat heb ik een hekel aan kinderen, zeg.”
De ander valt hem bij: “Zo, die wijven met hun veel te grote wandelwagens bezetten de helft van de winkel, maar een beetje fors besteden, ho maar.”
Ik kijk eens naar mijn zoontje die in zijn buggy relaxed zit te keuvelen met niemand in het bijzonder. Zal ik weggaan? Of toch op mijn beurt wachten? Tijdnood doet me besluiten tot het laatste.
Als ik even later mijn bestelling aanneem van een van hen, vraagt hij vriendelijk:
“Mag de kleine een stukkie worst, mevrouw?”

Haha, de twee gezichten van een slager, mooi gevangen Mechtilde.
@Mechtilde. Mooi een huichelaar neergezet! <3
Achterin de slagerij – Achter in de slagerij
Onbedoeld zou ik weglaten. Als je een gesprek opvangt is dat doorgaans onbedoeld. Anders zou het afluisteren heten, naar mijn mening.
@Inge. Dankjewel!
@Han. Je hebt helemaal gelijk. Aangepast. Dankjewel!
@Mechtilde: ik snap je dilemma. Als je hoort hoe hij eigenlijk denkt, zou je geen vlees meer willen kopen bij zo iemand, maar ja…
@Lisette. Haha, die veelzeggende ‘maar ja…’
Vleesloze dagen zijn zo gek nog niet. 🙂
ja, achter de schermen wordt vaak anders gepraat dan in je gezicht, dat beschrijf je hier goed