Er stroomt duidelijk bloed van mijn moeders kant door de aderen van mijn dochter. Ze gaat op haar twaalfde met een vriendinnetje op zeilkamp. Dat blijven ze jaren achterelkaar doen. Van jonge grietjes, die liever lezen op hun kamer dan de disco bezoeken, groeien ze uit tot mooie meiden met een passie voor water. Giek, gijp en gaffel zijn voor hen gesneden koek-woorden.
In haar latere vakanties zijn surfen, zeilen en waterskiën de hoogtepunten.
Mijn moeder was ook dol op water, uitzichten over water bleef ze tot op hoge leeftijd waarderen. Mijn vader daarentegen was een zandhaas, Brabants bang van water.
Hun samenzijn bracht ons eindeloze vakanties aan zee, water én zand.
Op die historie drijft mijn dochter nu verder.

@Lisette. Mooi sfeervol geschreven stukje. <3
achter elkaar – achterelkaar. Het betekent hier zonder onderbreking en dan schrijf je het aan elkaar.
@Han: dank, enikgahetaanpassen!
Wat een mooi en natuurlijk stukje Lisette. Het was me als water ontglipt. Gelukkig is daar de lijst van het themawoord.
@Levja: en wat een mooie en natuurlijke reactie, dank!
Hoi Lisette, prachtig en haast poëtisch! Je verwerkt haar roots op een fraaie wijze, zodat ze vanzelfsprekend in je dochter tot uiting komen. De uitdrukking ‘Brabants bang’ kende ik nog niet, maar hier wordt hij in één klap duidelijk! <3
@Ton: dank, dank! “Brabants bang” is een spontaan ontstane allitererende vondst van mezelf, fijn dat je hem snapt.