De knipmuts gesteven, de strenge blik in haar ogen, altijd bezige handen, bijbel op schoot.
Zondags drie keer “kerken”, geen onvertogen woord. Lachen is zondig, de wereld is zwart wit en de dominee ook.
Heel enkel zie ik in een onverwachte oogopslag een glans van verlangen, of is het ongenoegen en boosheid, maar ze doet het gordijn altijd direct weer dicht.
Ik heb het een keer gezegd: “Zou je nou nooit eens willen…”, toen was het even erg stil bij haar.
Op een dag was de dominee verdwenen, na een bijzonder heftige hel-en-verdoemenis preek.
Niemand had hem nog gezien na het schudden van de laatste hand, met de laatste aanmaning tot goed gedrag.
Het hele dorp heeft wekenlang gehaktballen gegeten.

Ook op vrijdag? Nee! ?
Ai, Berdien, en zo kwam het heilig boontje om zijn lugubere loontje…
(Een visje voor de variatie, Mien.)
<3
? De vrouw met het gesloten gordijngezicht was de echtgenoot van de dominee?
Oh, wat een verhaal, Berdien. 🙂
Ik was nog een beetje duf en de slotzin moest even landen …
Die vrouw zie ik voor me, zeer beeldend beschreven.