Ik heb er zo’n godsgruwelijke hekel aan. Die kleine kuthondjes die over mijn stoep lopen, schuw achter hun baasje aan. U kent die hondjes wel denk ik. Van die verwende enkelbijtertjes, die net doen of ze er niet zijn als ze over straat lopen. Maar owee, als je bij hen aanbelt. Kef, kef en bijten maar. Ja, die hondjes.
Ze worden door hun baasjes gevoerd met Mariakoekjes, leverworst en Chappie. Of ergere rommel. Die vervolgens slecht verteerd in hun tere buikjes. En, u raadt het al, die rommel eventjes later als kleffe strijkbout op mijn stoep uitschijten. Vieze kleine poepmonsters zijn het.
Nee, geef mij dan maar zo’n goudeerlijke, familiale, kindvriendelijke labrador die een stevige berg uitfloept. Ruimt makkelijker op.

Oh, ik heb best een klein hondje gehad. Maar zo groots. Kon harder rennen dan welke grote hond ook. Haar grote geliefde was een Mechelse herder. En nee, niks vies voedsel. Niets getrut. Gewoon gezond, gewoon hond. En nooit poepen op de stoep. Het ligt aan de opvoeding. Bij hond en bij mens! Zo simpel ligt het!
Ha Mien, Gelukkig hebben wij een labrador (van 5 maanden oud) en hij poept nooit op de stoep 🙂 Het is een kwestie van opvoeden.
Leuk geschreven stukje
Mien, een stukje naar mijn <3
Sorry voor de baasjes die wel iets aan opvoeding doen.
@Nel: volgens mij als sinds mensenheugenis dat de goeden lijden onder de kwaden. Het smerige nieuws is meer smeuïg.
Jouw stukjes daarentegen bewijzen het tegendeel. Top.
leuk, verteert moet met t aan eind.