Zij woont in haar geboortehuis, een boerenhoeve gelegen in het gevarieerd polderlandschap van Meetjesland. Er zou een buizerdechtpaar broeden in een van de populieren die haar opstallen omzomen. Bij aankomst blijkt er bezoek te zijn. De goedlachse ex-schepen met olijke toet ontbreekt niet. Op tafel staan ranke glaasjes gevuld met Cava en bordjes met resten van koud buffet. Het aspergeseizoen loopt ten einde.
Vriendin vertelt enthousiast dat het jazzoptreden vorige week in de boerenschuur een groot succes was. Indachtig de GodVader van dit initiatief loop ik naar de achterkant van de schuur. Steek een sigaret op, en herdenk de man die daar op klassieke wijze –loop van jachtbuks tot de helft in z’n mond- zich van het leven heeft beroofd.

Beste Schrijf-guurders,
Hier maakt zich toch enige verwondering van mij meester.
Ik acht ‘Jazz’ en ‘Wee.’ sterke stukjes, uitgesproken genoeg in ieder geval om reactie op te roepen.
In weerwil van mijn gezonde verstand moest ik tijdens de stoelgang een opwelling van ontgoocheling onderdrukken, slechts te verklaren door de aanname dat mijn woordjes mogelijk onzichtbaar blijken voor U.
En overweegt snel wat nieuws te schrijven.
Een deemoedige groet,
Rob.
Misschien moeten we (Frank) een Knop toevoegen: naast gereageerd, een tellertje met ‘bekeken’.
Rob.
Misschien te deprimerend? Of is Jazz gewoon ondergewaardeerd?
Rob, deze jazzliefhebber vindt het iets te Bebob-barokkerig om fijn doorheen te lezen. Mogelijk dat daar het hart van het hartprobleem lag?
Ik bestaaaaaaahhhhhhhhhhhhh!!
Dank voor de reacties, Annemieke en WaterWritez.
Groet,
Rob.
Hahahaha.
Laat je niet ringeloren Rob
🙂
Ik verdring mijn hovaardij, H2o.
Groet,
Rob