Zij strijkt hem zachtjes over zijn kruin. “Hoe gaat het, lieverd?”
“Goed hoor, maar ik ben moe en wil naar huis.”
“Je bent al thuis.”
Hij kijkt haar alleen maar aan. Zijn handen bewegen onrustig, alsof hij iets wil pakken.
“Zal ik nog een kopje koffie voor je maken?”
“Nee, ik wil liever thuis koffie drinken. Zullen we dan maar gaan?”
“Zal ik je voorlezen?”
Ze pakt De Avonden van Gerard Reve en begint te lezen. Het boek is beduimeld en valt bijna uit elkaar. “Hoeiboei, de kachel …” leest ze.
“Ik wil naar onze eigen kachel.”
De verzorgster komt binnen met een dienblad.
“Alstublieft meneer, uw warme maaltijd.”
“Mevrouw, ik denk dat het beter is, als u nu naar huis gaat.”


Mooi sfeerbeeld, Nel! <3
De verzorgster is naar mijn smaak te recht voor zijn raap; de situatie was me al duidelijk. De nieuwe regels op het einde kloppen m.i. niet. (een harde return per ongeluk?)
Aangrijpend stukje. Voor mij was die laatste regel wel nodig om het te plaatsen. Zonder zou het ook nog kunnen dat hij zijn eigen huis, waar hij met zijn vrouw woont, niet meer herkent.
Ontroerend stukje, Nel!
Een aandoenlijke realistische tekst Nel, mooi beschreven. Zou je de titel van het boek van Reve tussen aanhalingstekens of cursief weergeven, dan vind ik die zin net wat lekkerder lopen. <3
Bedankt @Hekate @Irma
@Leonardo, ik heb een kleine aanpassing gedaan. Het slot laat ik (nog even) zo. Op een of andere manier hecht ik eraan. Ik bedoelde het ook de verzorgster een beetje bot neer te zetten om het voorafgaande nog schrijnender te maken.
@Karin, ik heb je suggestie overgenomen. Dank je wel.
@Nel, tot en met de kachel een prima verhaal. Mooi sfeerbeeld ook.
De laatste regels zeggen naar mijn idee te veel en te weinig.
De verzorgster zal geen bord naar binnen gebracht hebben, maar een blad met daarop de hele maaltijd, inclusief bestek, voor- en nagerecht. Ik weet niet of kloppen dan nog goed lukt, want dan moet ze het blad in één hand houden.
Als er geklopt wordt, en er komt even laten iemand binnen, dan is het logisch dat het de deur was waarop geklopt werd. Daar kun je woorden sparen. Woorden die je kunt gebruiken om die laatste regels af te maken.
Bedankt @Ineke Je zegt zinnige dingen. @Leonardo wees me ook al op het slot
Ik ga ermee aan de slag. Ik blijf het lastig vinden om een verhaal goed af te sluiten.
Alvast een voorlopige wijziging van het slot.
@Nel, het zou mooi zijn wanneer je in de op één na laatste regel nog ‘meneer’ zou kunnen verwerken.
@Ineke, dat is met weinig moeite gelukt. Dank.
@Frank, bij jouw laatste wijziging (klopte het woordenaantal niet meer?) viel ook de cursivering van “De Avonden” weg. Was dat de bedoeling? Mogen html codes niet of viel deze code weg door de controlefunctie? Ik heb het weer hersteld.
Ik houd nog steeds niet van de gedachtestreepjes om iets te beklemtonen. Heb het nu een paar keer gelezen en iedere keer valt bij mij de klemtoon op nu in plaats van u. Weet ook niet waarom. Maar het gebeurt.
@Henk, ik aarzelde erg over dit accentteken. Ik ga deze keer met je mee en haal het streepje weg en laat het aan de lezer over. Bedankt voor je feedback.
Gelukkig, deze zit nog in een verzorgingstehuis. Da’s binnenkort in Nederland verleden tijd.
En verpleegsters met al dan niet goed bedoelde dominantie?
Altijd beter als helemaal geen.
Mooi sfeervol stukje.
Hartje!
Chris
@Chris, dank je wel.
En ja, er is stof genoeg om een pittige column over de zorg te schrijven.
Goed stukje Nel, de vader gedraagt zich eigenlijk normaal, hij beseft dat hij niet thuis is. De dochter wil die werkelijkheid ontkennen. De slotzin van de verzorgster is wel hard, maar m.i. niet helemaal realistisch, ze zal een bezoekende dochter niet naar huis sturen, maar wellicht wel iets zeggen als ‘uw vader is vandaag wat onrustig’.
Dank je voor je reactie, José.
Mijn stukje was misschien niet duidelijk genoeg, maar ik bedoelde niet zijn dochter, maar zijn vrouw.,
Over het niet realistisch zijn: soms gebeurt het wel, dat bezoek tijdens maaltijden naar huis wordt gestuurd om niet teveel onrust te geven. Ik wilde dat “naar huis gaan” in de slotzin nog eens een keer naar voren laten komen. Ik denk, dat dit verhaal meer woorden nodig heeft dan 120.
@Nel, nog een kleinigheidje: na een beletselteken volgt geen komma.
Dank je wel, Ineke. Ik pas het aan.