‘Yes!’ roept mijn zoon triomfantelijk. ‘Ik heb 223 aanslagen gehaald.’
Ik versta hem niet. Zijn stem wordt overstemd door geluiden die ook vanuit de computerkamer door het hele huis schallen.
‘Wat zeg je?’ brul ik terug.
‘Mam, 223 aanslagen!’ herhaalt hij trots. ‘Dat is toch geweldig?’
Even ben ik aangeslagen.
‘Geweldig?’ schreeuw ik dan woest. Ik stuif de trap en open de deur van de computerkamer.
‘Daar maak je geen spelletje van. Bah! Een beetje oorlog naspelen, compleet met aanslagen, gewonden en doden… Ik wil niet dat je hieraan mee doet. Ga wat nuttigs doen!’
Stampvoetend loop ik naar de computer. Net voordat ik de stekker uit het apparaat wil trekken, zie ik de multimap naast zijn toestenbord. Zijn typecursus.


Haha Irma. Ik vind het super!
Leuk! Er was dus geen enkele reden om je aangeslagen te voelen over het aantal aanslagen 😉
Dank jullie @Christine en Wendy voor de leuke reactie!
Grijns
Maar mis het woord ‘aanslag’ 🙂
@Conny, dank voor je grijns, precies waar dit stukje voor bedoeld is ;).
Ik heb voor de meervoudsvorm gekozen, dat mag, zolang het woord er maar in voor komt.
Leuk Irma 🙂 Al denk ik dat weinig mensen bij ‘223 aanslagen’ niet meteen aan het goede soort aanslagen denken 🙂
… foute aannames 🙂
Misschien kan de sfeer nog een tikje meer naar de gamefreak in plaats van de computerfreak, wellicht iets met muziek of geluiden, inrichting van de kamer, om de aanname van de hoofdpersoon logischer te maken.
@Inge en Schlim dank jullie. Inge, dat is ook zo, maar ja, blijft een grapje. Schlim, goed idee, ik probeer het nog aan te passen.
boze moeder, brave zoon!