Bij het binnengaan passer ik twee witjassen die een sigaretje staan te roken. “We moeten het anders gaan zien” hoor ik een jas zeggen, “geen klacht maar kracht.”
Oma tref ik in de recreatieruimte.
“Dag oma.”
-“Hans?”
“Nee oma, ik ben Huib, je kleinzoon.”
-“Dag jongen.”
“Ik hoor net dat er een nieuw devies komt. Geen klacht maar kracht. Dan kunnen we jou het beste bij de helpdesk van de belastingdienst zetten. Iedereen mekkeren over hun aanslag. Hangen ze op, ben jij het alweer kwijt.”
Oma mist veel van haar geheugen maar weinig van haar humor en we lachen smakelijk samen.
“Ik denk dat je je verblijf moet terugverdienen.”
-“Hans?”
“Papa is al tien jaar dood oma. Ik ben Huib.”


Recente reacties