Ze leefde van gelijk hebben. Hoe groot of klein ook, als ze het maar kon halen, dan was ze gelukkig.
Altijd als ik bij haar at, bood ze me wijn aan. En steeds was het antwoord van mijn kant “nee dank je”. “Waarom niet?” is haar vraag, en ik houd het maar bij “ik lust het niet”.
Dit keer bij het dessert schept ze rijkelijk saus over het ijs. Ik neem een hap en proef de likeur. “En, hoe vind je het?” vraagt ze. “Oh lekker hoor” zeg ik beleefdheidshalve terwijl ik de smaak weg probeer te spoelen. “Zie je wel dat je alcohol lust!” roept ze triomfantelijk.
Sinds ik glutenvrij moet eten, eet ik maar niet meer bij haar.

@Corine, een leuk verhaal. Irritant he, zo’n eigenschap.
Herkenbaar <3
@Corine Tegenwoordige tijd en verleden tijd worden door elkaar gebruikt, zonder dat dat functioneel is.
Verleden tijd loopt over in het heden. Het is altijd zo geweest, het is nu zo en het blijft zo.
Is wel bewust voor gekozen, bij “waarom niet” stap ik in het heden en de laatste zin is vanaf nu.
@Corine Zoals je het verhaal opent, gaat om iemand die zo was, of zo deed.
Wanneer die persoon niet dood is, maar het gedrag heeft veranderd, zou je later in het verhaal kunnen schrijven: “Dit keer …” Maar nee, er is helemaal niets veranderd en de persoon is niet gepasseerd.