Alleen in bed word ik wakker. Ik kom overeind en stap de douchecel in die in mijn kamer staat. Als ik klaar ben, hoor ik gestommel in de kamer naast me. Via de intercom wens ik mijn man goedemorgen. Nadat ik nogmaals mijn handen heb gedesinfecteerd en mijn mondkapje heb voorgedaan, verlaat ik mijn kamer. Vandaag is de grote dag, wij krijgen ons embryo toegewezen. Negen maanden lang krijgen we toegang tot het laboratorium om te zien hoe dit wezentje zich ontwikkelt tot ons kind. Ongelooflijk dat twee generaties geleden man en vrouw nog lichaamssappen moesten uitwisselen voor nieuw leven. In de huidige wereld vol virussen is enig lichaamscontact ondenkbaar. Oogcontact, dat is nu de meest intieme vorm van contact.

Ik vind het leuk bedacht en een dystopie is het zeker, maar verder vind ik het idee net te ver doorgevoerd om nog geloofwaardig te zijn. Veel emotie zal het om die reden niet losmaken, denk ik. Bij mij tenminste niet.
Lichaamssappen uitwisselen? Dat zoiets nodig is voor nieuw leven wist ik niet. 😉
Ik word ook alleen in bed wakker. Nou ja, en soms op een of ander trottoir, na een stevige nacht, maar wel op weg náár…
@Cher Dat de eerste zin niet echt een goede regel is, is al duidelijk geworden door de voorgaande reactie.
De zin is zelfs overbodig, ook in de betekenis welke jij hebt bedoeld, omdat dit uit het verloop van het verhaal vanzelf blijkt.
Neemt niet weg dat de invalshoek van jouw verhaal wel leuk is.