Hij zag haar en was verkocht. Rood, sproetjes, een lach die op haar gezicht woonde. Het stralend middelpunt van een groepje tienermeisjes.
Zij zag hem en dacht er het hare van. Een wat zonderlinge nerd, die alleen op de wereld scheen. Verknocht aan zijn iPad, verknocht aan Angry Birds.
Beiden vertoefden op dezelfde Franse camping en kwamen elkaar geregeld tegen in de kantine. Hij wist niet hoe hij contact moest maken. Zij zag geen enkele aanleiding zo’n poging te doen.
De wekelijkse Bingo bracht uitkomst. Gelijktijdig riepen ze Bingo en wonnen samen een prijs. Een tegoedbon bij de lokale pizzeria.
Daar zaten ze de volgende avond. Het was een kleine stap van een gedeelde pizza Marguerita naar een prille campingkus.

Angry Birds. Je vergat een R.
Dank.
“een lach die op haar gezicht woonde”. Hoe mooi kun je het bedenken en schrijven. Zo’n fragment tilt voor mij het stukje meteen uit boven vele andere stukjes. Chapeau.
Dank je.