Mijn ogen wachten hulpeloos op U,
nu al die losse vogels weer een tweespan…
hebban olla vogala nestas hagunnan
hinase hic enda thu wat unbidan we nu?
Maar ik, ik kleef hier vast aan perkament
vol zwart en traan en voel het blanke vel
zo vloeibaar op uw borst hier in mijn cel
tot alles stolt -alleen gemis is permanent.
Alle dingen worden mij te inghe.
Wie geneest de smart van geest en hart?
Het dicht in moedertaal? Ben ik een bard?
Hoe bloedig ver is nu uw zoete zingen…
Ik ben een letterknecht, een kopiist,
die bij elke haal uw ronde vormen mist.


mooi weer
Herinnert mij aan Liefde Bloeyende van Komrij