Een week zoals zovele, dacht Herman toen hij op maandagochtend naar kantoor ging. Hoe anders zou deze dag verlopen. Het leven zou nooit meer zijn zoals voorheen.
Tegenover hem zit de jonge collega Michal, een jongen waarmee hij prima door één deur kan. Zijn joviale lach, aanstekelijk voor iedereen. Met zijn Slovaakse achtergond heeft hij altijd weer verrassende verhalen te vertellen.
Nu zit hij vleugellam voor zich uit te staren. Doelloos, zijn gedachten zijn ergens waar hij geen vat op kan krijgen. “Hé, politie op kantoor,” zei hij nog voordat Michal voor zijn ogen in de boeien geslagen werd. Verdacht van moord en het verbranden van het lichaam. Herman weet zich geen raad meer, Michal? Tegenover mij? Wat, hoe dan?

Helaas, geen fictie. De “Herman” ken ik persoonlijk. 2003.
Wordt ongetwijfeld vervolgd.
Ja, afschuwelijk om dat mee te maken.
zoal zovelen – zoals zovele
door een deur kan – door één deur kan
“Hé, politie op kantoor” zei hij nog – “Hé, politie op kantoor,” zei hij nog
Hier tegenover? – Hiertegenover? Tegenover mij is beter.
hoe dan? – een vreselijk cliché dat je tegenwoordig overal hoort of leest.
Dank voor de correcties Han!