Gevonden. De laatste opdracht. In het laatje van het nachtkastje. Gericht aan een vriend van moeder. Een advocaat die niet wars is van advocaat. Met slagroom. Wat hebben ze die samen vaak gedronken. De man des huizes moest eens weten. Wat niet weet wat niet deert. Dat is het uithangbord op de gang. De lijfspreuk van de man des huizes. Niet geheel ondoordacht. Juist doordacht. Zijn vrouw weet immers ook van niets. En zo begeven we ons in een schimmenspel met de duimen omhoog. Handen boven de lakens. Er wordt hier niet met voeten gespeeld. Niet de jouwe en niet de mijne. Terug naar het laatje met de consigneconsignatie. Een zwaar bewaakte opdracht die over pakweg vijf jaar wordt vrijgegeven.

Recente reacties