Als een volleerd legewoordenjongleur gooit hij Engels omhoog: “Stainless steel”, “Dual cutting”, “Laser guiding”, “Quick charging”, “Self grinding”. Waar gaat het goddomme over? Laat mij de goedkoopste zien en klaar. Maar nee, het hele repertoire kotst hij uit. Onpasselijk herken ik mijn vergissing.
Ik koop altijd de eerste broek uit het rek bij de deur en koop mijn boeken bij de boekhandel die je met rust laat. Voor mij geen speciaalzaakje met advies over gezondheid of hulp bij het schoenpassen.
“Koop lokaal, dan redden we het allemaal.” Oké, een slechte slogan, maar je wilt de wijk helpen. Dus gewacht tot ik, op afspraak, naar de elektronicawinkel mocht gaan.
Ik haat verkopers, de volgende keer bestel ik mijn scheerapparaat op internet.

Dat lucht op hè Menno? 🙂
Willem, pfff je moest eens weten.
Herkenbaar, hoewel je toch ook weleens heel prettige verkopers tegenkomt.
Volgens de regels van samengestelde woorden zou ik hier over een legewoordenjongleur spreken (schrik niet van rode streepjes). Vergelijk bijvoorbeeld met een woord als langeafstandloper. Eventueel met een tussenstreepje, lege-woordenjongleur.
Menno, dat ben je kwijt. Heerlijk stukje!
Ewald, als ik eerlijk ben, hebben we bij ons in het dorpje een paar winkeliers waar ik zelfs een praatje mee maak. Maar niet verder vertellen!
Luc, bedankt: jarenlange frustratie eruit.
Han bedankt bedoel ik, sorry voor de naamswisseling.
Och, ik beschouw het als compliment 😉