Er was eens iets heel lelijk kleins, en ook iets heel erg mooi groots.
Elke dag droomde het kleins ervan om groots te zijn.
Iedereen zou hem opmerken. Dát leek hem wel wat!
Hij wilde graag in het middelpunt van de belangstelling staan, zodat de mensen trots op hem zouden zijn.
Dan konden mensen hem ook eens zien zoals hij was.
Nu voelde hij zich een nietsnut en dat deed verdriet.
Natuurlijk wilde het groots zo groots blijven als hij was.
Het kleins verdween volledig achter hem, wat het groots heel prachtig vond.
Eigenlijk… was het groots alleen maar groots, en totaal niet mooi.
Het groots viel in het niet en het kleins… bleek stiekem best wel groots te zijn!

Recente reacties