Nu ik dood ben, heb ik alle tijd om vrienden en oude bekenden te bezoeken. Ik ben benieuwd hoe mijn nagedachtenis voortleeft.
‘Hoe gaat het?’ fluister ik ze in hun slaap toe.
Natuurlijk heb ik ze verwaarloosd. Ik had een bedrijf te bestieren en dat deed ik goed. Bakken met geld leverde het op. Mooie auto’s, exotische vakanties en de naakte lichamen van vele vrouwen in evenveel verschillende bedden. Geld en binden gaan niet samen, maar nu speelt geld geen rol meer.
Mijn vrienden woelen, slaan verstoord hun ogen even op als ik ze mijn vraag stel. Kennissen slapen zwijgend door.
‘En jij mama?’ vraag ik.
Ze gaat rechtop zitten, knipt het licht aan.
‘Ach jongen,’ zegt ze,’ik kom eraan.’


Heel mooi Hadeke. Interessant perspectief gekozen.
@Hadeke: wat een mooi perspectief inderdaad.
Goed gekozen woorden in perspectief zeker
Dank voor jullie reacties. Het perspectief schoot me ‘gewoon’ te binnen. 🙂