‘Waarom moet ik twintig kerstzegels kopen terwijl ik er maar eentje nodig heb, juffrouw?’
‘Dat is nu eenmaal zo, meneer. Maar als u hier een kerstkaart koopt, kunt er een losse zegel bij kopen.’
‘Zeker die dure kaarten met ‘Merry Christmas’ en ‘Happy New Year’. Mijn nicht Alida spreekt gewoon Nederlands, juffrouw. Zij is de enige aan wie ik een kaart stuur.’
‘Nou, dan heeft u voor de komende jaren voldoende geldige zegels.’
‘Mijn nicht is al op leeftijd, dus zullen ongetwijfeld de overgebleven kerstzegels roerloos in het oude zeepdoosje vergelen.’
‘Hoeveel kerstzegels heb je over, Vreeswijk?’
‘Ik schat tien stuks, Alida, als ik je zo zie.’
‘De oliebollen waren dertig euro. Dus als je mij nu vijf euro geeft…’


Dat Vreeswijk in een andere wereld leeft bewijst hij keer op keer, dus ook deze keer. kerstzegels worden al heeeeel lang decemberzegels genoemd. Geldig vanaf 13 november tot 24 januari, daarna bijplakken!
Trouwens, verrekt dure oliebollen daar of had Alida voor de hele buurt?
Luc, eerder andersom. Zeker in de volksmond worden ze kerstzegels genoemd.
Oliebollen zijn, zeker hier, schreeuwend duur.