‘Brood ligt in de trommel.’
‘Heb jij al gegeten?’
‘Wat ben ik vergeten?’
‘Niets, maar er is zeker weer wat met je trommelvlies…’
‘Die trommel is niet vies. Ik heb gestoft, gezogen, de badkamer schoongemaakt en nadat ik boodschappen heb gedaan, heb ik voordat ik het brood erin deed, de trommel schoongemaakt. Zoals ik dagelijks doe. Ja, ik word een dagje ouder, vergeet wel eens wat, maar schoonmaken doe ik mijn hele leven al, dat kan ik van jou niet zeggen. Dus kom nou niet met je praatjes aan dat de trommel vies is.’
‘Nee hoor, dat zeg ik niet, ik zeg: ‘Heb je weer last van je trommelvlies.’
‘Praat wat harder, ik heb weer zo’n last van mijn trommelvlies.’


Recente reacties