De zon is onder de einder verdwenen als ik mijn kleedje uitvouw. Weerbarstige dennenappels maken het tijdelijke tapijt bultig. Voorzichtig zet ik mijn blote voet op een bobbel. In plaats van de verwachte ongemakkelijke hardheid, ervaar ik een zacht meeveren als een ademende aarde.
Ik omring mij met drie bakjes voor vijf euro en begin met olijven. Op het moment dat ik het lipje van mijn blikje Italiaans bier opentrek, komen ze met z’n allen op mij af. In dichte drommen cirkelen ze boven me aleer ze aanvallen. In tegenstelling tot hun soortgenoten in andere nachten, zoemen deze niet. Ze steken wel.
Teleurgesteld pak ik mijn boeltje bij elkaar. Dan maar vroeg slapen en mij morgen, als vanouds, matineus gedragen


Recente reacties