‘Opa?’
‘Ja Tijl.’
‘Mis jij omi?’
‘Ja knul en jij?’
‘Ik ook. Ze bakte van die lekkere koekjes.’
‘Ja, die mis ik ook.’
‘Kun jij ook koekjes bakken opa?’
‘Hm, ik heb het nog nooit gedaan.’
‘Ik weet wel hoe het moet hoor oop.’
‘Echt waar?’
‘Ja hoor, ik lette altijd heel goed op.’
‘Als ik ze ga maken, wil jij me dan helpen?’
‘Tuurlijk oop.’
‘Wat lief van je. Wanneer zullen we de koekjes gaan bakken?’
‘Nu?’
‘Oei, ik weet niet of we alles wat er nodig is in huis hebben…’
‘Dan moet je boodschappen gaan doen.’
‘Ja Tijl, als we ter nagedachtenis aan omi koekjes willen bakken, zal dat wel moeten.’
‘Of nu gewoon uit de trommel opa?’

Praktisch ingesteld als kinderen zijn: gewoon uit de trommel. Leuk bedacht, Willem.
Dank je wel Ewald. Ik wil van deze opa en kleinzoon een serie maken (ik heb nu eenmaal iets met de feuilleton).
Mooi, Willem.
Dank je wel Nel. Na “De koning en de nar” aan iets heel anders toe. Hgrt.
Willem, ik neem vanavond een koekje bij de koffie! Uit de trommel.
Laat het je smaken Han 🙂
Koekjes bakken is een leuke bezigheid, Willem.
Mooi Willem, dat lijkt me een goed idee voor een serie. Oud & jong levert vaak de beste gesprekken op.
Nu ga ik er zeker mee door Inge 🙂
@Willem: lief stukje
Dank je wel Lisette.