‘Opzij, op zij. Maak plaats! Ik heb ongelofelijke haast. Rennen naar de Tweede en vliegen naar de Eerste Kamer. De avondklok blijft gehandhaafd.’
‘Meneer Rutte, u contamineert.’
‘Dan doe ik mijn mondkapje voor.’
‘Het is “blijft van kracht”, of “wordt gehandhaafd”.’
‘Opzij, anders verstrijkt de datum voor die noodwet.’
‘Mijn datum ook eerdaags.’
‘Datum…?’
‘Jarenlang utopisch ver weg. Vanaf die leeftijd mocht je vroeger gratis met de tram…’
‘Dat kan ik mij niet herinneren…’
‘Komt dat grote jongerenfeest er nog?’
‘Jazeker, ze hebben niets.’
‘Ik wil op die voor mij toch bijzondere dag een “feestje in het klein” vieren met twee familieleden; ze wonen maar vijfhonderd meter bij mij vandaan.’
‘Eén mag, maar die moet vóór de avondklok thuis zijn.’


Recente reacties