‘De gerookte wilde zalm is hier lekker, Fikkie. Als antirookfanaat kun je die gerust eten. De facto betekent gerookt dat de zalm niet meer rookt.’
‘Ben ik daarvoor gekomen, Spring? En waarom wilde je me spreken bij een eetmaal?’
‘Diner noemen we dat in het westen, confrère.’
‘Heb je getuigen?’
‘Ik ben in die bezemkast geweest vanmiddag. Groot genoeg om te “vegen”, hoor.’
‘De spinnenwebben hangen aan je pak. Ik heb een getuige: een van die vriendinnen. En jij?’
‘Een bezem kan niet praten. Over spinnenwebben gesproken, confrère, hoe oud is “die vriendin” wel niet; weet ze nog alles?’
‘Wat is je rechtsfeit, Spring?’
‘Zullen we schikken?’
‘Oh, word je bang dat ik win, Spring?’
‘Nee, ik bedoel de restaurantrekening.’


Recente reacties