‘Meneer Meijer, wat brengt u vandaag naar het bureau?’, vraagt agent Wouters.
‘Dat verdomde dof gajes van jullie. Die lui versjteren m’n hele handel.’
‘Daar denken toeristen en het winkelend publiek anders over.’
‘Dan moeten ze maar geen Rolex kopen. Een klokkie van de markt doet het net zo goed.’
‘Je moet van andermans spullen afblijven.’
‘En als ik een kilometer te hard rijd, mogen jullie wel met je jatten aan mijn geld zitten?’
‘Dat is de wet.’
‘Lekkere wet. Ik werk me het laplazerus, maar mijn wijffie ken geen Rolex kopen. Zonder die schnabbels ken ze helemaal niks kopen. Ik doe aan inkomensnivellering. Dat hoort de regering te doen, maar dat schorriemorrie heb ‘t te druk met lijpe wetjes.’

Recente reacties