Er was eens een zwerver genaamd: Evert. hij had geen geld en ook geen inboedel. hij at elke dag uit een prullenbak in het park. Hij snoof veel lijm om zich goed te voelen. Hij had geen moeder. Hij is niet naar school geweest hij kan ook niet woorden lezen. De meeste prullenbakken waren donkergroen. hij sliep op een woordenboek. Hij woonden naast de woestijn waar hij veel water uit cactussen kon halen. Er waren niet veel mensen in de woestijn. alleen maar zand. In de stad was best wel goede internet maar Evert kon geen internet gebruiken want hij heeft geen mobiel. Zijn deken was een oude Spaanse vlag. Eigenlijk had Evert wel een bril nodig. Hij is arm.

Je krijgt de smaak te pakken Abel. Humor, hij sliep op een woordenboek. Ik zie wat foutjes, maar die mag je lekker zelf opzoeken.
Je hebt een rijke fantasie Abel. Dat vond ik bij Strijkfan ook al. En weer een mooie titel. Houdt dat vast. Wel even tijd nemen om schoonheidsfoutjes weg te poetsen. Maar daar gaat meester Arjan je vast bij helpen. Heeft ie wat te doen. Ha, ha.
Hoi Abel. Je tweede verhaal! Mooi om te lezen hoe jij je fantasie gebruikt. Leuk. En ja er zijn ook nog een paar puntjes. Als jij probeert het gebruik van het woord ‘hij’ te halveren, help ik je bij de rest(-;
Van mij een hartje voor je fantasie!
Je hebt zeker veel fantasie, Abel, maar probeer binnen een verhaaltje wel consequent te zijn in welke tijd je schrijft. Niet springen van verleden tijd naar tegenwoordige en weer terug.